Nestkasten 1986

NESTKASTENNIEUWS

Toen we begin maart de schoonmaakbeurt deden, lag het ijs nog in de sloten. Op het recreatie-oord was dit wel gemakkelijk, omdat we daardoor over het ijs in de noten konden, en niet steeds een groot stuk hoefden te lopen. In de 15 jaar dat ik me met de nestkasten bezig houd, was dit nog nooit gebeurd.
Op 15 mei 1986 hebben we de nestkasten gekontroleerd in de Buorren en bij de B.B.bunker en de Parallelweg.

De resultaten waren als volgt:
Buorren:

  • 6 x broedgeval koolmees (40 % bewoond)
  • 1 x broedgevel pimpelmees (40 % bewoond)
  • 1 wesp
  • 15 x leeg

B.B.bunker + Parallelweg:

  • 6 x broedgevel koolmees (47 % bewoond)
  • 1 x broodgevel pimpelmees (47 % bewoond)
  • 2 x spreeuw
  • 1 x wesp
  • 9 x leeg

Enkele dagen later op 20 mei 1986 gingen we naar de Lijte, het resultaat was:

  • 8 x broedgeval koolmees (45 % bewoond)
  • 1 x spreeuw
  • 11 x leeg

De resultaten zijn redelijk tot goed. Opvallend was. dat 2 kasten in beslag waren genomen door een wespenkoningin. Het aantal kasten, dat al jonge vogels bezat, was heel klein. Vermoedelijk heeft dit te maken met het late voorjaar. Vanwege het koude voorjaar was alles laat, dus ook de insekten. Nestkasten, waarvan het vlieggat groter is gemaakt, worden meestal bewoond door spreeuwen. Kennelijk bestaat er bij deze vogelsoort al min of meer een soort woningnood. Vooral bij de B.B.bunker worden de vlieggaten veelvuldig groter gemaakt. Verantwoordelijk hiervoor is een specht. Al met al lijkt het een goed jaar te zijn voor het “lytse fûgelguod”.

H. Borger.