Nazorg 1965

Veldoverzicht

De periode van ‘aaisykjen’ kende slechte tot zeer slechte dagen, maar ook mooie dagen waarop iedereen volop aan zijn trekken kon komen. Het einde van de periode viel tijdens de Pasen. Er werden toen veel eieren gevonden. Vrij snel na sluitingsdatum lag het veld weer vol met eieren.. De meimaand was erg nat en zorgde ervoor dat het gras goed groeide en de vogels veel beschutting hadden. Veel vee bleef lang binnen en had daarna niet veel land nodig om aan voldoende gras te komen. Het natte weer had ook zijn negatieve zijde; ‘bûtlân’ liep onder en het gebied Labân liep in mei twee keer onder. Veel legsels gingen daarbij verloren. In andere gebieden was het een goed broedjaar.

AKTIE NESTBESCHERMING 1965

In het jaar 1965 toonden de cijfers aan dat er een teruggang was te merken omtrent het aantal nesten, waarvan de eieren d.m.v. de bekende nestbeschermers tegen stuk trappen door het vee werden behoed. Pessimisten van toen waren van mening, dat de Wacht Grouw deze uitermate doeltreffende, doch tevens zeer tijdrovende taak, op den duur niet zou kunnen volhouden. Deze mensen hebben geen gelijk gekregen, want onder de voortreffelijke leiding van de heer Jan Sjoerdsma is de aktie “Nestbescherming’1965” tot een volledig succes geworden. Het gebied waarin de daadwerkelijke nestbescherming wordt toegepast kon zelfs nog worden uitgebreid, terwijl bovendien dit jaar ook de aktiviteiten tegen het uitmaaien van nesten in de rapporten konden worden opgenomen. Aan het voorbereidende werk dat aan deze aktie vooraf ging heeft de leider de allermeeste zorg besteed. Het te bewerken gebied werd in 7 distrikten verdeeld. Over elk distrikt werden één of twee hoofdkontroleurs aangesteld, die verantwoordelijk waren voor de goede gang van zaken in het hun toegewezen distrikt en zij werden op hun beurt geassisteerd door een groot aantal gewone kontroleurs.

Distriktsgewijs werden de volgende resultaten behaald met de nestbeschermers:

De verliezen voor de Weidevogels bedroegen in totaal verlies 257 eieren. Voor de Watervogels was dit otaal verlies 10.

De resultaten van de nestbeschermers zijn dus, dat in totaal 343 nesten met totaal 1360 eieren werden beschermd. Het totale verlies bedroeg 267 eieren of 19,5 %. T.a.v. de Weidevogels (dus zonder eend en slobeend) zijn de uitkomsten respektievelijk: Totaal beschermd 333 nesten met 1272 eieren, waarbij een verlies van 257 stuks of 20 %.

De verliezen werden veroorzaakt door stuk trappen van het vee 7‚4 %‚ kraaien en eksters 2,2 %, wezel 2 %, vandalisme 0,8 %, honden 1,1 %, onbevruchte of eieren met dode vrucht 0,9 %, terwijl bij 5,6 % het verlies niet werd of kon worden vastgesteld. De gemiddelde nestbezetting onder de nestbeschermers was van de kievit 3,70 en van de grutto 3,88.

In gras- en hooiland werden in totaal 363 nesten met:

Schermafbeelding 2016-01-21 om 17.08.08

Dit is totaal 1535 eieren door middel van stokken gemerkt om het uitmaaien van deze eieren te voorkomen. Het totale verlies bedroeg hierbij slechts 50 stuks of 3,3%. De gemiddelde nestbezetting bedroeg hier van de kievit 3,57 en van de grutto 3,9.

Als bijzonderheden kunnen vermeld worden, dat in de Wildlanden in één nest 3 grutto eieren en 4 eieren van de kemphaan werden aangetroffen. Deze inwoning werd geen succes. Moeder grutto verwijderde tijdens het broeden 3 van de veel kleinere kemphaan eieren, maar wel kwamen de 3 grutto eieren uit. Het overgebleven ei van de kemphaan bleef gekneusd met een bijna volgroeide vrucht achter.
Voor het tweede achtereenvolgende jaar is een Kuifeend met jongen waargenomen. Moeder eend werd dit jaar door de heer Liezenga en diens zoon met 5 kuikens aangetroffen. In de Bird‚ bij de fam. Snoek, heeft een scholekster‚ die haar eigen legsel tijdens het broeden verloor, een kievitsei, wat in de nabijheid in een nest lag en verlaten werd, uitgebroed en het kievitsjong volledig grootgebracht.