Nazorg 1972

VOGELBESCHERMING 1972

De broedresultatenlijsten, die wij via onze Werkgroep binnen kregen, leverden onderstaand overzicht van ons Wachtgebied (2000 HA) op:

Schermafbeelding 2016-01-21 om 20.56.21

Nestbeschermers werden geplaatst over 232 nesten in te beweiden percelen grasland, terwijl 1273 nesten in gras- en hooioogst percelen werden gemerkt met stokken. Er is—zoals wij vorig jaar reeds verwachtten— na de vrij slechte stand van 1971, een behoorlijke toename van het aantal broedparen van de meeste soorten opgetreden. Ook nu weer blijkt dat bij een grotere bezetting ook het verlies navenant groter is, Van grote invloed op het verlies zijn 0.a. de stand van het gewas en de weersomstandigheden in de legperiode en het begin van het broedseizoen na de sluitingsdatum van de raaptijd! Is er in die periode nog niet veel gras en het weer koud, guur en droog, dan liggen de legsels erg onbeschermd en zijn een gemakkelijke prooi van de belagers, die onder deze omstandigheden ook niet veel anders kunnen vinden en daardoor een grotere tol van de
weidevogels eisen. Merendeels komt een vogel die dan een legsel kwijtraakt toch nog wel tot broeden op een vervolglegsel. Verder werden nog gevonden en bewaakt: 43 nesten met in totaal 259 eieren van de Meerkoet; 15 — 106 Waterhoen; 22 – 87 Veldleeuwerik; 1 — 2 Graspieper; 4 — 11 Zwarte Stern. Aangetroffen aantal broedparen: 5 Torenvalk; 16 Knobbelzwaan; 3 Ransuil; 39 Zwarte Kraai; 33 Ekster.

Het roofwild werd, voorzover noodzakelijk‚ bestreden door afschot, vallen en gifeieren. Degene, die zich aangetrokken voelt tot de Natuur en reeds enige kennis van vogel en veld bezit, is van harte welkom als lid van onze Werkgroep. Opgave bij êén der bestuursleden!