Nazorg 1986

TOELICHTING BIJ VELDWERK 1986.

Inventarisatie van gevonden en beschermde nesten in het broedseizoen 1986 aan de hand van de verstrekte gegevens uit al onze 44 rayons.

Met grote inzet van 89 vogelwachter en vogelwachtsters en de welwillende medewerking van onze veehouders in een gebied van 2232 ha, werden 1546 nesten aangemerkt met stokken en 101 legsels door middel van een nestbeschermer beschermd.

Het was een koud voorjaar, de weidevogels waren pas laat aan de leg, maar na de sluitingsdatum 13 april hadden de meeste vogels vrij vlot weer een voltallig legsel en kunnen we spreken van een goed broedseizoen.

Wij hebben te maken met en lichtelijk gedaalde nestdichtheid waarbij de grutto een opmerkelijke vermindering vertoonde van 70 broedparen en de kemphaan halveerde van 31 in ’85 naar 15 broedparen in ’86. Terwijl de watersnip licht steeg. De kievit, tureluur en scholekster bleven nagenoeg gelijk, zodat wij aan de volgende totalen komen: kievit 825, grutto 628, scholekster 383, tureluur 170, watersnip 50, kemphaan 15 broedparen.

In de Burd werd een nest van de bruine kiekendief gevonden, hier zijn 4 jongen uitgevlogen.
Op 17 mei is er een paartje Oeverlopers gesignaleerd in De Burd, of deze tot broeden zijn gekomen is niet bekend.

Bijzonder legsel.

Een opmerkelijk nest werd gevonden in De Burd; dit bleek van de Kwartelkoning te zijn, een uiterst zeldzame vogel.

Hoofdwerkgroep
F. Koopman.