Nazorg 2010

De meeste boeren konden dit jaar niet vroeg maaien, wat de kuikens meer kans gaf te overleven. Toch is het ieder jaar weer de vraag hoeveel kuikens er groot worden, want in veel gebieden is het (zeer) rustig in het veld nadat het landwerk is gedaan.

Hoe zijn nu de totaalresultaten van de nazorg geweest in het jaar 2010 in onze ‘kriten’ van de vier meest gangbare soorten: de kievit, de grutto, de scholekster en de tureluur.

2010BurstumGoattum
De Burd

De verheugende constatering in 2008 en 2009 dat de weidevogels langzamerhand weer terugkeren heeft in 2010 geen positief vervolg gekregen. Zowel kievit, grutto, scholekster en tureluur gingen in totaliteit in aantallen achteruit. Eén rayon was een uitzondering, hier stegen de aantallen. Daar stond tegenover de reactie van een ander rayon: Triest maar hier was dit voorjaar geen vogel te bekennen.

De Wyldlannen

een gebied begrensd door De Ald Feanen, de Folkertsleat, de Geau en Grêft.

De inventarisatie van de Wyldlannen richt zich op broedvogels die voorkomen op de lijst van het BMP-afle soorten. In totaal werden 64 soorten broedvogels vastgesteld in het gebied. Vijftien soorten komen voor op de Rode lijst (uit 2004) van bedreigde en kwetsbare
broedvogels in Nederland. Het betreft slobeend, watersnip, grutto, tureluur, koekoek, veldleeuwerik, boerenzwaluw, graspieper, gele kwikstaart, snor, spotvogel, grauwe vliegenvanger, matkop, ringmus en kneu. De top vijf van talrijkste soorten in het gebied
anno 2010 bestaat uit rietzanger (82 tenitoria), veldleeuwerík (72 territoria), gele kwikstaart (63 territoria), kleine karekiet (60 territoria) en fitis (52 territoria).

Weidevogels: zorgenkindjes

Bij de steltlopers zijn grutto. kievit, scholekster en tureluur de afgelopen jaren het sterkst achteruitgegaan. Watersnip en wulp zijn de afgelopen tien jaar, weliswaar met schommelingen, vrij stabiel gebleven. Het meest dramatisch verging het kievit, scholekster,
grutto en tureluur. Scholekster, tureluur en kievit zorgden voor een historisch Iaagterecord in 2010. Nooit eerder waren er zo weinig broedvogels op de Wyldlannen aanwezig.

It Hoflân

Is het gebied ten noorden van Grou wat verder wordt begrensd door de Wergeasterfeart, de ldaarder Opfeart en Rijksweg A 32.
Hier een wisselend beeld: de kievit een toch forse daling (108 paren naar 83). Daartegenover een doorgaande stijging van de paren grutto’s, scholeksters en tureluurs. Door het steeds verder bouwrijp maken van het industriegebied “Frisia” wordt het eigenlijke nazorggcbied steeds kleiner.

It Leeehlân

Oostelijk van de Wergeasterfeart en verder begrensd door het Prinses Margrielkanaal in het oosten en een lijn getrokken ongeveer vanaf de ingang van de Folkertsleat naar de ldaarder Opfeart. Hier is de teruggang van alle vier soorten in de voorgaande jaren tot staan gebracht. Het aantal kievitparen steeg van 33 paren in 2009 naar 73 dit jaar (overgekomen uit lt Leechlân). Ook de andere drie soorten Iieten een lichte stijging zien.